Week 14

9 straatjes

Dubbele betaling

Het interview gedaan, het stuk geschreven. Voor akkoord toegestuurd. De krant moest gedrukt. De telefoon. Het kan niet. Het stuk kan niet. De geinterviewde klinkt paniekerig. Wat is er aan de hand? In het stuk staat de naam!

De naam is die van zijn winkelbaas, die de huur 300% verhoogde omdat de winkelstraat populairder geworden is. Hij kan die huur niet betalen. Zijn winkel is klein en alternatief. Hij is daarom naar de rechter gegaan. De verhuurder betoogt dat hij een zakenman is. De winkelier zegt: ik ga failliet met die huur. En dat na 25 jaar. De rechter vind de zakenman hebberig en besluit dat de winkel nog twee jaar mag blijven. Tot zijn pensioen.

Het lijkt een heldere zaak. De verhuurder is meer zakenman dan mens. De huurder meer mens dan zakenman. Waarom is hij dan nu zo bang? Omdat de winkelbaas boos kan zijn. Dat hij in een slecht daglicht komt. Omdat hij de huur zo verhoogd. Hoe kan dat nou? Hij is toch zakenman? Hij heeft toch juist gehandeld: geld verdienen. Tegelijkertijd besef ik dat het inderdaad niet zo simpel is. Zaken zijn geen zaken. De winkelbaas kan inderdaad boos worden, gaan treiteren. Want het gaat ook om macht.  De winkelbaas is de baas, wil de baas zijn. Je betaalt niet alleen met geld, ook met afhankelijkheid. Ik begrijp het. De Naam moet weg. Anders ontstaat een schuld, die vereffend moet worden.

Plaats reactie

HD-Background Selector